West Papua Courier
Home Archief Links Contact
Nummer 4 - 2000
 
Artikelen
Wamena
Interview met Joweni
1 December
Solidair met West Papua
Een goed virus
Kerken in oerwoud

Korte Berichten
Ordetroepen moeten
stoppen

Bemiddelaar Suebu
Compromis over vlag
Onrust door Vlag
Autonomie voor Aceh en Irian

Brieven
KomPemPa

Cultureel centrum Jayapura
Wamena, 6 oktober jl.: de stad is in rep en roep. Nadat de Papua-vlag al enkele maanden gewapperd heeft besluit de lokale politie dat het welletjes is en haalt op grove wijze de Papua-vlag omlaag. Er komt een zaagmachine aan te pas en in alle commotie scheurt de vlag, met of zonder opzet is niet duidelijk, maar voor de bevolking is het kwaad al geschied. De mensen zijn woedend en vanaf dat moment is de geweldsuitbarsting niet te stoppen: Papua's gewapend met speer en pijl en boog begeven zich naar de stad. Huizen van transmigranten worden binnen gevallen en de politie schiet met scherp. Volgens officiële politieberichten vallen er ten minste 32 doden, volgens ooggetuigen ligt het dodental aanzienlijk hoger. De meeste slachtoffers vallen -vooralsnog- onder de transmigranten.

Hieronder volgt het chronologische relaas van de gebeurtenissen en de gevolgen na het drama in Wamena.

De gebeurtenissen van de 6de oktober worden o.a. vervat in twee rapporten die ELSHAM, het mensenrechteninstituut in Jayapura, in samenwerking met Diocesan Justice and Peace Commission, uitgeeft op vrijdag 27 oktober. De rapporten zijn gebaseerd op bevindingen van het team dat speciaal voor dit dramatische gebeuren is samengesteld. Het team deed onderzoek naar de mensenrechtenschendingen n.a.v. de tragische gebeurtenissen in Wamena en verleende tevens juridische bijstand. De rapporten geven een gedetailleerd verslag van de behandeling van 17 gevangenen, waarvan hieronder een samenvatting door TAPOL.

6 oktober
De eerste zeven gevangen van de lijst (zie onder) werden op 6 oktober om half acht 's ochtends gearresteerd op de Papua-commandopost in Pikhe. Toen de gezamenlijke troepen van de mobiele brigade, de politie en het leger verschenen om de Papua-vlag neer te halen, ondervonden ze geen weerstand. Er werd een zaagmachine gebruikt om de vlaggenstok om te zagen en zonder duidelijke aanleiding begonnen de Indonesische troepen leden van de SatGas (Papua-ordetroepen) met blote handen, en met rotanstokken, knuppels en geweerkolven te slaan. Frans Huby viel bloedend op de grond. Twee van de slachtoffers verloren tijdelijk hun gehoor vanwege de vele stoten en dit is nog steeds niet volledig hersteld. Vervolgens werden ze onder dwang in een truck gezet en naar het Jayawijaya-politiebureau gereden waar ze opnieuw werden geslagen en geschopt. Eenmaal binnen werden ze gedwongen om op hun ondergoed na alle kleding uit te trekken, en op de grond te zitten, ze kregen geen slaapmatten. Gedurende twee dagen lang ondergingen ze in die houding constante slaag: door elk willekeurig lid van de mobiele brigade dat binnenkwam werden ze geschopt. Voor in totaal tien mensen (ook voor de reeds aanwezigen) werd slechts één voedselpakket gegeven. Een van de manieren om de mensen te vernederen was om een gevangene, de voorste in de rij, een koekje te geven, hem erop te laten zuigen en hem vervolgens te dwingen het koekje zonder handen met de mond door te geven aan de volgende in de rij. Op 9 oktober werden ze in een aparte ruimte ondervraagd zonder juridische bijstand, hoewel daar wel om gevraagd was. Waarschijnlijk zal hen openbare ordeverstoring en het dragen van scherpe wapens zonder vergunning ten laste worden gelegd. De volgende groep, de namen van nummers 8 t/m 16, werd tevens 6 augustus jl. gearresteerd in dezelfde commandopost in Pikhe door dezelfde gezamenlijke troepenmacht van de mobiele brigade, het leger en de politie. Er werd drie keer in de lucht geschoten en de gezamenlijke troepenmacht beval aanwezige Papua's de Papua-vlag neer te halen. Er was geen verzet. Toen een van de mannen, Teri Wenda, aanstalten maakte om de het touw van de vlaggenstok los te maken, werd hij door een van de soldaten hardhandig aangevallen met een geweerkolf. Hij liep hierbij een schedelfractuur op. Vervolgens werd de vlaggenstok met een zaagmachine neergehaald. De laatste man op de lijst reed op een bromfiets in de straat op zoek naar benzine. Hij werd aangehouden door veiligheidstroepen, onder dwang in een truck gezet naar het Jayawijaya- politiebureau gebracht waar hij ondervraagd werd voor zijn aandeel in openbare ordeverstoring. Net als de andere gevangenen werd hij werd tijdens de ondervraging constant geslagen. Hieronder volgen de namen en leeftijd van de 17 gevangen.

  1. Yohakim Huby, 32
  2. Frans Huby, 36
  3. Heri Kosay, 25
  4. Henrik Siep, 42
  5. Agus Sorabut, 30
  6. Jackson Itlay, 32
  7. Edy Marian, 32
  8. Thimotius Kogoya, 25
  9. Pilius Wenda, 25
  10. Les Wenda, 26
  11. Atinus Wenda, 36
  12. Teri Wenda, 35
  13. Isak Wenda, 35
  14. Elius Wenda, 23
  15. Yoel Wenda, 20
  16. Yules Wenda, 20
  17. Sudirman Pagawak, 37

11-12 oktober:
ELSHAM maakt op 12 oktober melding van het feit dat steeds meer mensen opgepakt worden door de politie en meegenomen naar het bureau voor verhoor. Op de avond van 11 oktober worden omstreeks 7 uur 's avonds vijf leden van het Papua-Presidium, t.w. Ds Roberth Komba (53), Yafeth Yelemaken (42), Murdiono Murip (36), Ds Yudas Meage (37) en Amelia Jigibalon meegenomen naar het Jayawijaya-politiebureau om ondervraagd te worden als getuigen van de vlaghijsing en de daaropvolgende incidenten. Diezelfde 12de oktober doen 12 slachtoffers van willekeurige arrestaties door de politie verslag van de behandeling tijdens hun arrestatie. De 12 personen, leden van de Papua-ordetroepen, werden op 6 oktober gearresteerd, waarna zij mishandeld werden op het politiebureau. Een van de gearresteerden vertelt ELSHAM hoe zij tijdens hun arrestatie werden geslagen en gemarteld door de politie en de Brimob (mobiele brigade): "We werden gedwongen ons uit te kleden, op onze onderbroek na. Daarna werden we geslagen met geweerkolven en rotanstokken, en geschopt. Ze stopten hun pistolen in onze mond en dreigden ons te vermoorden als we voor de onafhankelijkheid van Papua kozen. Toen vroegen ze enkelen van ons om de urine van de politie te halen en dwongen ze ons dit op te drinken. We waren bang dus dronken we hun urine." Volgens ELSHAM waren er ongeveer 35 mensen die dezelfde marteling ondergingen en gedwongen werden urine van de politie te drinken. Volgens 12 ooggetuigen werd een man van Flores, Yohanes Udin, vlak voor hun ogen geslagen en geschopt tot de dood erop volgde. Vervolgens werd zijn lichaam in een politietruck geladen en naar het ziekenhuis in Jayawijaya gebracht. Het ziekenhuis bevestigde tegenover ELSHAM dat Yohanes Udin reeds overleden was bij aankomst in het ziekenhuis. Volgens ooggetuigen nam Yohanes Udin foto's van het neerhalen van de vlag door de politie op 6 oktober en werd hij de volgende dag gearresteerd. Na het vlagincident werden ongeveer 200 mensen gearresteerd, waaronder 25 schoolkinderen. Ook zij vertelden ELSHAM dat ze geslagen en geschopt werden tijdens hun arrestatie op het politiebureau. Zij werden op 8 oktober weer vrijgelaten.

16 t/m 19 oktober
Een team van vijf juristen onder leiding van A.M. Fatwa, waarnemend woordvoerder van het Huis van Afgevaardigden, en verder bestaande uit Posma L. Tobing, Yacobus K. Mayongpadang, Imam Adaruqutni en Rachman Sulaiman, bezoekt Wamena om de toedracht van het bloedige incident van 6 oktober te onderzoeken. Fatwa en zijn medewerkers bezochten onder meer een massagraf van de slachtoffers van de slachtpartij in Wamena. Het team komt tot de conclusie dat het Papua-Presidium in de strijd voor onafhankelijkheid wordt gesponsord door buitenlandse groepen. Volgens het team moet Abdurrahman Wahid strengere maatregelen nemen tegen de separatistische acties en dergelijke acties niet stimuleren. Voorts riepen ze de Papua-leiders op het aantal leden van de Papua- ordetroepen, SATGAS Papua, in te perken. Deze laatstgenoemde groep verdenken ze van buitenlandse samenzwering en invloeden, zo vertelden journalisten in Jakarta. Volgens Imam Adaruqutni, een van de teamleden, moet het wetsvoorstel van 1999 zo snel mogelijk uitgevoerd worden. Hierbij zou de Provincie Papua in drie provincies opgedeeld worden en zou deze drie provincies autonoom worden. Alleen op deze manier zouden volgens hem het voorgenomen plan om de onafhankelijkheid op 1 december uit te roepen kunnen worden voorkomen.

19 oktober
De deadline voor het neerhalen van de West Papua-vlag. In de meeste grote steden van West Papua (o.a. in de hoofdstad, de zuidelijke stad Merauke en op het eiland Yapen) zijn de vlaggen echter nog niet neergehaald. De deadline van 19 oktober verloopt zonder noemenswaardige incidenten, nadat er op het laatste moment een overeenkomst wordt gesloten tussen het leden van het Presidium en de politie dat de vlaggen pas gestreken hoeven te worden waneer er overleg is geweest tussen het Presidium en President Wahid die op dat moment nog moet terugkeren van een reis naar Noord Korea.

20 oktober
Het hoofd van de politie op Yapen, Idrus Gassing, geeft een nieuwe deadline voor het strijken van de vlag op Yapen: 31 oktober. De politie in Jayapura ontkent echter de nieuwe deadline.

23 oktober
Obeth Komba, Papua-leider en voorstander van de onafhankelijkheid, wordt voor de tweede keer gearresteerd om twee andere collega's in het Papua-presidium, waarin Komba zelf ook zitting heeft, te dwingen de schuldigen in het vlagincident uit te leveren aan de politie. Yohanis Bonay, directeur van ELSHAM reageert: "Ze zullen terechtstaan en in de gevangenis komen, maar de politie die demonstranten neerschoot zal vrijuit gaan." In Jakarta doet de minister van Politiek, Veiligheid Sociale Zaken, Susilo Bambang Yudhoyono, ook een duit in het zakje en verdedigt de "handelswijze" van de politie: "De politie handelde overeenkomstig de onrustige situatie." Yudhoyono had ook geen goed word over voor het Papua-Presidium die hij ervan beschuldigde misbruik te maken van het vertrouwen van de regering, door steun te zoeken bij andere landen in de Pacific voor de strijd van de Papua's voor onafhankelijkheid. Volgens hem dwaalde het Presidium af van hun oorspronkelijk rol, nl. de Indonesische overheid te steunen in hun pogingen vergaande autonomie voor de provincie Papua te verwezenlijken. Yudhoyono noemde de Papua-ordetroepen, SATGAS Papua, de "eerste tekenen van gewapende strijdkrachten van een onafhankelijk Papua." Voorts herhaalde Yudhoyono nogmaals het standpunt van het parlement tegenover de Papua-vlag: "…. een politiek symbool van een onafhankelijk Papua."

24 oktober
Papua-leider Theys Eluay heeft een ontmoeting met President Wahid omtrent de recentelijke uitbarsting van geweld in Papua en de veranderde opstelling van het Indonesische parlement inzake de nationale symbolen van Papua. Eluay na afloop van de 20-minuten durende ontmoeting: "Er zijn nog steeds verschillen van mening tussen Gus Dur en het Papua-volk." Eluay doelde op het verzoek van de President om de Morgenster-vlag niet langer te hijsen en een ander cultureel symbool te vinden, aangezien de Morgenster-vlag niet langer een cultureel symbool was maar een symbool van separatisme. Yorrys Raweyai, een Papua-leider die ook deelnam aan de ontmoeting met Wahid, vertelde journalisten van de AFP dat ze onder geen beding kunnen voldoen aan het verzoek van de President om de politieke betekenis van de vlag te wijzigen of een ander symbool te vinden dat uiting zou kunnen geven aan culturele identiteit van de Papua's: "Je kunt de betekenis van de vlag nu eenmaal niet veranderen," aldus Yorrys. Wel werd er besloten om een gezamenlijk team te vormen bestaande uit Presidium-leden en leden van de Indonesische regering om een oplossing te vinden voor het huidige conflict en mogelijk tot een gezamenlijk standpunt te komen.

25 oktober
De politie in Wamena verwijdert alle West Papua-vlaggen in en rondom de stad. Hoofd van de lokale politie, Daniël Suripatty, bevestigt nogmaals dat ditmaal de vlaggen beneden zullen blijven: .."een ieder die probeert de Papua-vlag toch te hijsen wordt gerechtelijk vervolgd," aldus Suripatti. Die dag worden er in totaal 29 Papua-vlaggen in Wamena en omgeving verwijderd. "Een noodzakelijke actie," aldus Suripatty. "Willen ze vrede of chaos?"

26 oktober
Ongeveer 300 slachtoffers van de gewelduitbarsting in Wamena zoeken hun toevlucht tot de gevangenis. De slachtoffers, de meesten oorspronkelijk afkomstig van centraal en West Java, vluchtten voor het geweld en worden gehuisvest in de lokale gevangenis uit angst om gedood te worden door de oorspronkelijke bewoners als ze terugkeren naar hun woningen. Vooralsnog was er genoeg plek om de gevluchte bewoners te huisvesten omdat veel cellen leeg waren, aldus hoofdopzichter van de gevangenis in Wamena, Bambang Haryono. Dezelfde dag vraag Wahid de Papua's om de Papua-vlag niet langer te hijsen. "Er werd misbruik gemaakt van de Morgenster-vlag als symbool van soevereiniteit," aldus staatssecreataris Marsilam Simanjuntak na een vergadering van het kabinet.

27 oktober
Meer dan 2000 onderwijzers, allen transmigranten, zijn in staking vanwege de gewelddadigheden tegen transmigranten en geven te kennen de provincie zo snel mogelijk te willen verlaten. Twee van de slachtoffers van gewelddadigheden tegen transmigranten na het neerhalen van de Papua-vlag waren onderwijzers, t.w. Ismaji, onderwijzer op een kleuter- en lagere school in het dorp Aikima, en Mashudi, leraar aan de lagere school in Kurulu. Hun lichamen werden op resp. 6 en 19 oktober aangetroffen in de rivier Uwe. Volgens het hoofd van het Departement voor Onderwijs van Jayawijaya, De Fretes, voelen vele onderwijzers zich nog steeds bedreigd door de lokale bevolking en zijn ze vreselijk getraumatiseerd. Op 11 na hebben alle onderwijzers om overplaatsing gevraagd naar Java, Bali of de Molukken. Volgens De Fretes is de situatie uiterst gevaarlijk, en gaat het om leven of dood. Voor overplaatsing is echter toestemming nodig van de regent van Jayawijaya, David Hubi, die op zijn beurt beweert dat de situatie weer veilig is en zegt dat de onderwijzers zonder angst voor aanvallen door lokale bevolking hun werk kunnen hervatten. "Wij zijn verplicht de eenheid van de Indonesische staat te beschermen. Als jullie nu wegvluchten zonder je druk te maken om de staat van het onderwijs hier, dan is dat hetzelfde als Irian aanleiding geven zich af te scheiden van Indonesië," aldus Hubi.

Na 27 oktober
De situatie in Wamena is gespannen maar voor het oog rustig: vele inwoners zijn te bang om de straat op te gaan. Er doen vele geruchten de ronde dat de Indonesische veiligheidstroepen elke burger die zich 's avonds op straat begeeft opgepakt zal worden. De aanwezige troepenmacht neemt elke dag toe, voornamelijk legertroepen en mobiele brigade die dagelijks patrouilleren. Er zijn nieuwe militaire posten opgezet, ten minste 28 in de stad zelf en enkele in de nabij gelegen gebieden. Leden van de veiligheidstroepen hebben zich verschanst in woningen van transmigranten en vele transmigranten ontvluchten Wamena omdat ze zich niet langer veilig voelen. Intussen neemt ook de vrees voor de veiligheidstroepen bij de Papua's toe. Er zijn Hercules-vliegtuigen ingezet om de transmigranten te evacueren, hetgeen de lokale bevolking zorgen baart over wat het leger voor hen in petto heeft. Sommigen vragen zich af waarom de transmigranten naar huis vertrekken en tegelijkertijd meer troepen van het bataljon 713 van Menado en de mobiele brigade van Malang ingevlogen worden. Volgens een lid van de veiligheidstroepen zijn de extra troepen ingevlogen in voorbereiding op de voorgenomen plannen om een onafhankelijke staat uit te roepen op 1 december aanstaande.

1 november
Er dreigt een herhaling van het drama in Wamena, ditmaal in Jayapura. Nadat de deadline van 19 oktober voor het neerhalen van de Papua-vlag is verstreken en de ontmoeting van de voorzitter van het Papua-Presidium, Theys Eluay, met President Wahid geen duidelijk standpunt heeft opgeleverd t.a.v. de Papua-vlag, neemt de spanning in de hoofdstad toe. Op 30 oktober heeft het hoofd van de politie in Jayapura, Lt. Col. Daud Sihombing, een brief geschreven aan het hoofd van de SATGAS Papua waarin hij aandringt op onmiddellijke ontruiming van het DKIJ (cultureel centrum), dat sinds juni dit jaar gehuisvest is in 'Gedung Kesenian', voorheen een cultureel centrum en later basis voor de SATGAS Papua. Mr. Sihombing geeft in de brief 1 november als deadline. Wanneer ze na drie dagen nog niet vertrokken zijn zullen er harde maatregelen genomen worden om het gebouw alsnog te ontruimen. In reactie op de brief hebben de SATGAS Papua het aantal leden rondom het gebouw verhoogd. Volgens Alex Baransano, voorzitter van de SATGAS Papua in DKIJ, heeft hij 4000 SATGAS-leden gemobiliseerd om de vlag en DKIJ te verdedigen. Op 30 oktober werd een vergadering belegd in het DKIJ met ongeveer 300 deelnemers om een strategie te bespreken in geval van een aanval door de Indonesische veiligheidstroepen. Vooralsnog is de situatie rustig, d.w.z. de veiligheidstroepen houden zich nog op afstand. Met het naderen van de deadline dreigt echter een herhaling van Wamena in Jayapura of elders in West Papua.

(Bronnen: ELSHAM, correspondent in Jayapura, South China Morning Post, AFP, Indonesian Observer, South China Morning Post, Indonesian Observer, AFP, The Jakarta Post, TAPOL)

 

< Vorig | Volgend >
 
[ Begin pagina | Home | Inhoud archief | Mail ]