Stilte voor de storm
Spanning neemt toe na 1 decemberviering West Papua
"Het was onheilspellend stil," aldus een inwoner van Jayapura,
"opvallend kalm, bijna spookachtig, maar de herdenking verliep rustig
en tegen de middag reden de taxi's zelfs weer…"
De 1 decemberherdenking lijkt vreedzaam te verlopen in de hoofdstad
Jayapura. Te vreedzaam volgens sommigen. Als de politie de volgend
ochtend de Papua-vlag strijkt, zoals overeengekomen met het Papua-
Presdium, blijven de protesten uit. De menigte mensen staat er
verbouwereerd en bijna gelaten bij. Stilte voor de storm?

Op 2 december wordt de Morgenster gestreken (foto: Rully Kesum)
Op 1 december jl. werd in heel West Papua massaal herdacht dat
op 1 december 1961 de nationale symbolen, de Morgenster-vlag en het
volkslied "Hai Tanahku Papua", officieel door het Nederlandse
gouvernement werden erkend. De dag wordt op nadrukkelijk verzoek van
het Papua-presidium herdacht door middel van samenzang, gebed en een
vreedzame ceremonieën. Ongeveer 1000 Papua's verzamelen zich bij het
cultureel centrum in Jayapura dat streng bewaakt en afgebakend wordt
door de Papua-ordediensten, de SATGAS Papua. Onder waakzaam oog van
duizenden politiemannen en militairen wordt eerst de Indonesische
rood-witte vlag en daarna de Morgenster gehesen. Vice-voorzitter
Tom Beanal spreekt de menigte toe en vertelt over de resultaten die
het hoogste uitvoerende orgaan dat de Papua's vertegenwoordigt, het
Papua-Presdium, tot nu toe heeft bereikt. De menigte is enthousiast.
De rest van de herdenking verloopt opvallend rustig, en ook de
volgende ochtend als de vlag gestreken wordt blijven massale protesten
uit. De echte vuurdoop moet dan nog beginnen.
Wat eraan vooraf ging…
Het is menens voor Jakarta. Volgens de Indonesische overheid maken
Papua's misbruik van het gedoogbeleid van Indonesie (lees: president
Wahid) en wordt de vlag gebruikt om een onafhankelijk West Papua te
propageren, in plaats van deze te zien als cultureel symbool. Tijd
voor harde actie en duidelijke afspraken dus: de ochtend van 2
december 2000 wordt de nieuwe deadline voor het strijken van Papua-
vlag. Susilo Bambang Yudhoyono, minister van Veligheid en Politiek,
verklaart tegenover de pers dat er voorbereidingen zijn getroffen om
"zonodig de militaire noodtoestand af te kondigen ter bescherming van
de eenheidsstaat, indien de separatische acties in Aceh en Irian Jaya
escaleren." Dit moest overigens niet worden beschouwd als een
ultimatum of dreigement, aldus Yudhoyono op 22 november jl.
Op 29 november worden de eerste arrestaties verricht: Presidium-
voorzitter Theys Eluay en andere leden van het Presidium worden
opgepakt, t.w. Thaha Al Hamid, Don Flassy, John Mambor en Herman Awom.
De vijf worden bij het ter perse gaan van dit nummer nog steeds
gevangen gehouden in het politiehoofdkwartier in Jayapura op
beschuldiging van subversie.
Overigens heeft president Wahid op 5 december jl. de lokale
autoriteiten al opdracht gegeven tot vrijlating van de vijf, zijn
verzoek was specifiek gericht aan hoofd van de politie Irian Jaya
Sylvanus Wenas. Volgens Yudhoyono zijn de lokale autoriteiten hiertoe
nog niet bereid. Generaal Suroyo Bimantoro Bimantoro beloofde wel het
onderzoek naar de beschuldigingen t.a.v. de vijf te versnellen,
hetgeen te denken geeft over de tanende invloed van de president.
Harde acties
Op 30 november jl. liet Brigadier Generaal S.Y. Wenas van de Irian
Jaya politie weten dat de Morgenster-vlag op 1 december gehesen mocht
worden. Op voorwaarde echter dat de vlag 2 december 2000 weer
neergehaald zou worden.
President Wahid stond eerder dit jaar toe dat de Papua-vlag gehesen
mocht worden, maar hij heeft dit besluit in oktober jl. weer
ingetrokken, met name onder druk van vice-president Megawati
Soekarnoputri die de eenheid van de Indonesische Republiek bedreigd
zag en liet weten dat de Indonesische regering de
onafhankelijkheidsaspiraties niet wil onderschatten. De minister van
Veiligheid en Politiek Susilo Bambang Yudhoyono liet enkele dagen voor
de 1 decemberherdenking al weten dat een onafhankelijkheidsdeclaratie
beschouwd zou worden als verraad, en harde acties tot gevolgen zou
hebben. Het Suharto-tijdperk lijkt teruggekeerd.
Slachtoffers
Uit voorzorg werden op 1 en 2 december jl. paratroepen in de
hooglanden gedropt, enkele duizenden paratroepen op 3 december in
Jayapura, en drie extra bataljons eind november naar West Papua
overgebracht (zie ook Korte Berichten). Een woordvoerder van de
Indonesische vloot, Ditya Sudarsono, geeft 4 december toe dat er 37
oorlogschepen naar het gebied zijn gestuurd, "voor een
trainingsoefening, niet om veiligheidsredenen…."
In de week na 1 december vallen de eerste slachtoffers: op 2 december
worden 23 mensen gearesteerd na de vlaghijsing. In Fak Fak worden twee
mannen gedood bij schermutselingen tussen het leger en Papua's na het
strijken van de Papua-vlag ook op 2 december. In Merauke vinden zeven
mensen de dood na botsingen tussen de politie en de bevolking na het
strijken van de vlag.
Op 3 december worden 14 Papua's van de Papua-ordetroepen gearresteerd
en meegenomen op een boot, sindsdien is er niets meer van ze vernomen.

De zoon van Theys Eluay en Filip Karma en leden van de Papua-
ordetroepen na de ontruiming van het Culturele Centrum, tot voor kort
hun hoofdkwartier, gearresteerd en naar het politiebureau in Jayapura gebracht, op 3
december jl. (foto: Rully Kesuma)
Ambonese taferelen
Enkele duizenden burgers zijn inmiddels door het Indonesische leger
voorzien van wapens en granaten. Het merendeel van deze burgers zijn
Moslim, waardoor een religieus conflict vergelijkbaar met het conflict
op Ambon maar weinig aanleiding behoeft. De spanning in West Papua
loopt op en Indonesie is het gebruik van geweld tegen de burgers
nog -steeds- niet verleerd. Zo blijkt ook uit geheime documenten van
het departement van Binnenlandse Zaken waar persbureau Reuters 26
november jl. de hand op weet te leggen. In het document wordt
opgeroepen tot het vergroten van het aantal militia's in dorpen en tot
harde actie tegen onafhankelijkheidsstrijders. Ook voormalig militair
commandant, Majoor-Generaal Sembiring Meliala, tegenwoordig
parlementslid, verklaart tegenover buitenlandse journalisten dat er
meer troepen naar de opstandige provincie gestuurd moesten worden:
"We hebben beslist meer personeel nodig om Papua veilig te stellen.
We zullen alle nodige maatregelen nemen om elke separatistische
beweging waar dan ook te beteugelen. Respressieve maatregelen kunnen
we soms niet voorkomen."
De president is intussen nog steeds van plan West Papua tijdens eerste
kerstdag te bezoeken om een kerstviering bij te wonen met lokale
burger- en religieuze leiders, voorzover deze omstreeks die periode
al vrijgelaten zijn uiteraard, want daarover is het men in Jakarta
nog steeds niet eens.
Jakarta geeft weer eens verwarrende boodschappen aan het Papua-volk
en blijkt opnieuw geen geloofwaardige partner in de vreedzame dialoog
die de Papua's nog steeds willen voortzetten met Indonesië.
(Bronnen: Indonesian Observer, AFP, Tempo Interaktif, South China
Morning Post, NRC Handelsblad, BBC, Reuters)
[ Begin pagina | Home |
Inhoud archief | Mail
]