Oud-premier De Jong: fouten Nieuw Guinea erkennen

Door Kiki van Bilsen


Delft (GPD) - Nederland was ten tijde van de Nieuw-Guinea-kwestie exact geïnformeerd over de relatie tussen de Sovjetunie en Indonesië. "We wisten precies hoeveel steun de Sovjetunie aan Indonesië gaf en welke aard die had. En die was dusdanig dat we meenden nog een paar jaar met grote macht Nieuw-Guinea te kunnen beschermen."

Dat zei oud-premier Piet de Jong tijdens de opening van de tentoonstelling 'Afscheid van Nieuw-Guinea' in het Legermuseum in Delft. De Jong vindt dat de 'kwestie Nieuw-Guinea' weer op de agenda moet komen te staan. "Dit is niet een van de fraaiste bladzijden uit onze geschiedenis", vertelde De Jong. "We hadden de Papoea's te verstaan gegeven, hen doen geloven dat we hen zelfbestuur zouden geven en dat we Nieuw-Guinea tot een zekere vorm van onafhankelijkheid - eventueel met het Australisch deel - zouden brengen en dat was onmogelijk toen de Verenigde Staten ons niet meer steunden."

In 1959 werd De Jong staatssecretaris voor de marine, vier jaar later Minister van Defensie en in 1967 Minister-president. De 'Nieuw-Guinea-kwestie' duurde ongeveer van 1950 tot 1962. Nederland had afstand gedaan van Nederlands-Indië met uitzondering van Nieuw-Guinea. Het zelfstandig geworden Indonesië claimde het gebied, zodat de grenzen van het land zouden reiken van 'Sabang tot Merauke'. In 1962 deed Nederland uiteindelijk afstand van Nieuw-Guinea, dat voor kort bekend stond onder de naam Irian Jaya.

De Jong: "Ik kreeg te maken met de kwestie in 1959, tijdens het kabinet De Quay. Toen kozen meer en meer landen voor het Indonesisch standpunt. Maar wij hadden uitstekende inlichtingen, om zo te zeggen 'straight from the horses mouth'. Wij wisten precies welke aard en hoeveelheid steun de Sovjetunie aan Indonesië gaf. Dat was mondjesmaat, want de Sovjetunie wilde zo in het midden van de koude oorlog geen ruzie met de Verenigde Staten". Volgens De Jong was de militaire analyse toen dat er wel gevaar was maar niet al te groot. De emancipatie van Nieuw-Guinea moest wel worden 'verhaast'. "Dat is toen ook gebeurd en we dachten dat we net aan genoeg tijd hadden. Totdat de Amerikaanse Minister van Justitie (en broer van de president) Robert Kennedy publiekelijk zei dat Amerika niet meer achter Nederland stond. Dat veranderde op diezelfde dag de hele situatie. Wij kregen weer inlichtingen en zagen de steun van de Sovjetunie aan Indonesië omhoog schieten. Vliegtuigen, schepen, alles werd aangevoerd. De militaire en politieke analyse van Nederland is toen geweest: dit gaan we verliezen, we staan volstrekt alleen."

De Jong vervolgt: "Het was onmogelijk om aan de andere kant van de wereld ons te handhaven. Er moest een politieke oplossing komen voor het probleem, het moest naar de Verenigde Naties". Volgens de oud-premier was de beslissing Nieuw-Guinea te verlaten dan ook niet moeilijk. Het was een duidelijke zaak, ook een heel zware, omdat hierdoor Nederland zijn belofte aan de Papoea's niet nakwam. "Dit heeft alles een beetje beheerst. De Nieuw-Guinea kwestie is altijd in het schemerlicht gebleven. Het is daarom des te belangrijker dat het nu eens duidelijk naar voren komt."

< Vorig | Volgend >
[ Begin pagina | Home | Inhoud archief | Mail ]